Uittocht uit de G4?

Een deel van de migratie naar buiten de Randstad vindt zijn oorsprong in de grote steden. Als we inzoomen op de G4, zien we een gestaag toenemende vertrekstroom, zowel naar andere delen van de Randstad als verder weg. Wat is hier aan de hand?

Nieuwe suburbanisatie

Vanuit de grote steden bezien was in de periode 2014-2021 sprake van een gestaag toenemende uitstroom, vooral vanuit Amsterdam.

De meeste vertrekkers uit de G4 bleven overigens wel binnen de Randstad. Het waren vooral dertigplussers die in toenemende mate de steden verlieten. En de groei zat hem bijna uitsluitend in vertrekkers die een koopwoning betrokken. Vanwege deze combinatie van kenmerken lijkt het hier te gaan om een klassieke vorm van suburbanisatie. Het vertrek van dertigplussers uit de stad die settelen in de omgeving is immers geen nieuw verschijnsel.

In de jaren 2022 en 2023 is nog altijd sprake van een aanzienlijk vertrek van dertigplussers uit de G4, maar deze stroom nam niet meer toe. Het zijn in 2023 de jongeren die wat vaker vertrekken dan voorheen. Het vertrek van de andere leeftijdsklassen is gestabiliseerd.

Ook het vertrek uit de G4 naar Nederland buiten de Randstad nam in de periode sinds 2014-2021 ieder jaar in omvang toe, om sindsdien min of meer te stabiliseren. In vergelijking met de vertrekkers binnen de Randstad ligt het accent hier wat meer op de 45-plussers, maar in grote lijnen lijkt profiel van de vertrekkers naar buiten de Randstad sterk op dat van vertrekkers die binnen de Randstad blijven.

Op zoek naar een koopwoning

Het feit dat zo veel vertrekkers uit de grote steden buiten de stad een koopwoning betrekken, doet vermoeden dat de woningmarkt een belangrijke en ook steeds sterkere drijfveer achter het vertrek is. Kennelijk vinden woningzoekenden buiten de stad de koopwoningen die in de steden zelf schaars en (dus) duur zijn. Veelzeggend in dit verband is dat binnen de grote steden zelf, waar ook driftig wordt verhuisd, het aantal betrokken koopwoningen over een lange periode bezien niet is toegenomen.

Het aantal betrokken woningen is kleiner dan het aantal verhuisde huishoudens en is voor het jaar 2023 niet in alle gevallen het eigendom bekend. Dit wordt hier toegelicht. In 2023 is het aantal betrokken woningen van vertrekkers uit de vier grote steden naar buiten de Randstad licht afgenomen ten opzicht van 2022. Er werden in 2023 in vergelijking daarmee weer wat meer woningen binnen de steden zelf betrokken. Dit kan in verband worden gebracht met de tijdelijke verbetering van de relatieve betaalbaarheid van koopwoningen in de grote steden in 2023. In deze studie van RaboResearch wordt dit verband gelegd. Meer hierover in op de pagina Op naar het Oosten.

Een trend in de grote steden was de opkomst van de particuliere huurwoning. Vooral in Amsterdam was dit segment in betekenis toegenomen. Particuliere huur vult hier het gat in de markt, dat is ontstaan door de beperkte beschikbaarheid en toegankelijkheid van enerzijds corporatiewoningen en anderzijds koopwoningen. In 2022 lijkt deze trend echter alweer ten einde, ook in de andere grote steden. Dit kan te maken hebben met landelijk beleid waardoor particuliere verhuur minder lucratief is geworden. Dat is verder niet onderzocht.

Zijn de G4 nog wel aantrekkelijk?

Terwijl de stroom de stad uit toeneemt, is de omgekeerde stroom, vanuit de rest van Nederland naar de steden toe, door de tijd heen betrekkelijk stabiel en in 2023 toegenomen. Het is dus niet zo dat de stroom naar de steden aan het opdrogen is. En dan hebben we het nog niet over instroom uit het buitenland, die na een dip in 2020 weer bijtrok. Vestigers in de grote steden komen relatief vaak terecht in particuliere huurwoningen.

Onder de vestigers in de G4 bevinden zich naar verhouding veel meer jongeren (jonger dan dertig) dan onder de vertrekkers. Het lijkt er dus op dat de aantrekkingskracht van de steden op jongeren niet is verminderd. Wanneer de profiel van vestigers en vertrekkers worden gecombineerd, dringt zich het beeld op van de steden als doorgangshuis. De vele ‘oudere jongeren’ die de steden verlaten zijn deels dezelfde mensen die zich enkele jaren eerder (en dus ook jonger) vestigden.